Het blijft een wonderlijk fenomeen, zo'n zonenkind. Bijna drie-en-een-half en ein-de-lijk zindelijk. Daar waar we bij de meiden gepast enthousiast waren bij het bereiken van deze mijlpaal hebben we nu een persbericht uitgestuurd en de vlag uit gehangen. Zeker aangezien hij volgens de normen van het consultatieburo al veel langer zindelijk was (omdat hij wel degelijk wist wanneer hij moest poepen), helaas alleen nog de verkeerde plek opzocht (zijn broek). Tja, zo kennen we er nog wel een paar.
Maar goed, het leed is geschied, hij heeft de smaak te pakken. Bij ieder onbenullig plasje wordt zeer actief en ingespannen uitgezocht of er ook nog gepoept moet worden, we kijken niet op een half uurtje meer of minder.
Ik kreeg vandaag echter wel het bange vermoeden dat we nog niet helemaal in de veilige zone zijn beland. Toen hij op de wc bril had geplast riep hij mij: "Maham, ik heb op het zadel geplast!"
De verwarring tussen wc en vervoersmiddel ligt op de loer.
zaterdag 26 maart 2011
dinsdag 8 maart 2011
K's ongenode gasten
Het idee alleen al. Ik kreeg de koude rillingen over mijn rug. Niet weer. Wij hadden 3 jaar geleden ons portie wel gehad vond ik. Maar ja. Er was wel jeuk. Dus we vlooiden wat af op elkaars hoofd. Niets te vinden in die enorme haardossen. Geen beestjes, geen eitjes. Op internet vond ik dat spanningen heel goed de oorzaak kunnen zijn van 'jeuk op hoofd'. Aangezien mijn werk nogal wat spanning meebrengt de laaste tijd vond ik het een uitstekende verklaring. De jeuk op V.'s hoofd was daarmee niet verklaard, maar ik vond geen tijd in mijn drukke agenda om daar langer dan strikt noodzakelijk over na te denken.
De after holiday luizencontrole op school ging voorbij. Niets. De jeuk bleef.
Nog een keertje vlooien en gevlooid worden. Niets. De jeuk bleef.
En zondagochtend. Verdomd. Daar zag ik ze ineens weelderig tieren op het hoofd van V. En in dezelfde seconde dat ik hysterisch naar F. schreeuwde WAAAAAAAHHHHH LUIZEN!!!!! constateerde hij op E.'s hoofd dezelfde kermis. Ik greep V.'tje bij zijn lurven en IEIEIEIEIEEIEIEHHHHHH!!!!!
Levende beestjes op mijn schatjes. En dan durfde ik nog niet eens te denken aan mijn eigen onwarbare bos haar. O jasses, de jeuk werd ondraaglijk. Luizenshampoo. Wassen, kammen, wassen, kammen. Beddengoed, knuffels, jassen, wassen, wassen, wassen.
"Waar waren de kinderen gisteren?" vroeg ik F.
Want ja, het is natuurlijk wel zo charmant als je de direct betrokkenen even inlicht over de onhygiënische toestand die je kinderen wellicht achtergelaten hebben.
Ik belde op met het heuglijke nieuws.
"O nee", hoorde ik kreunen aan de andere kant van de lijn: "V. heeft hier gister geskeelerd."
"Uh... ja?" zei ik. Ik vond het een vreemd moment om gezellig te gaan keuvelen over wat de kinderen gister voor avontuurlijke dingen hadden ondernomen met elkaar.
"Met de helm van dochterlief op."
"Nou, uh... fijn", zei ik. Want ik was wel heel blij dat ze voor de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen had gezorgd. V. is niet zo'n motorisch wonder als ze wat minder stevig staat.
"En?" vroeg ik: "Hebben jouw kinders ook jeuk? Kan je even bij ze kijken?"
"Ze zijn niet thuis", zei ze: "Ze zijn skeeleren.... met de helm op..."
De after holiday luizencontrole op school ging voorbij. Niets. De jeuk bleef.
Nog een keertje vlooien en gevlooid worden. Niets. De jeuk bleef.
En zondagochtend. Verdomd. Daar zag ik ze ineens weelderig tieren op het hoofd van V. En in dezelfde seconde dat ik hysterisch naar F. schreeuwde WAAAAAAAHHHHH LUIZEN!!!!! constateerde hij op E.'s hoofd dezelfde kermis. Ik greep V.'tje bij zijn lurven en IEIEIEIEIEEIEIEHHHHHH!!!!!
Levende beestjes op mijn schatjes. En dan durfde ik nog niet eens te denken aan mijn eigen onwarbare bos haar. O jasses, de jeuk werd ondraaglijk. Luizenshampoo. Wassen, kammen, wassen, kammen. Beddengoed, knuffels, jassen, wassen, wassen, wassen.
"Waar waren de kinderen gisteren?" vroeg ik F.
Want ja, het is natuurlijk wel zo charmant als je de direct betrokkenen even inlicht over de onhygiënische toestand die je kinderen wellicht achtergelaten hebben.
Ik belde op met het heuglijke nieuws.
"O nee", hoorde ik kreunen aan de andere kant van de lijn: "V. heeft hier gister geskeelerd."
"Uh... ja?" zei ik. Ik vond het een vreemd moment om gezellig te gaan keuvelen over wat de kinderen gister voor avontuurlijke dingen hadden ondernomen met elkaar.
"Met de helm van dochterlief op."
"Nou, uh... fijn", zei ik. Want ik was wel heel blij dat ze voor de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen had gezorgd. V. is niet zo'n motorisch wonder als ze wat minder stevig staat.
"En?" vroeg ik: "Hebben jouw kinders ook jeuk? Kan je even bij ze kijken?"
"Ze zijn niet thuis", zei ze: "Ze zijn skeeleren.... met de helm op..."
zondag 27 februari 2011
K's nieuwe hobby
Omdat ik nogal hysterisch ben met het op de hoogte blijven van de laatst binnengekomen mail, reactie, kennismakingsverzoek en allerhande logjes had ik lang geleden besloten dat ik genoeg prikkels binnenkreeg via mijn 4 verschillende mailadressen, LinkedIn en de grote blogwereld. Een rondje status checken langs de velden kost mij nu al gemiddeld een half uur. Laat staan als ik ook nog Hyves, Twitter, Facebook, Yfrog, Flowd, iPing, What's App en Tweetdeck moet checken. Mijn digitale wereld was prettig en overzichtelijk. En zo leefde ik bijzonder tevreden. Tot ik onlangs gevraagd werd waarom ik niet Facebook gebruik om te laten weten dat er een nieuw bericht staat op Kaazlog. Nou. Briljant. Dat ik daar zelf niet aan gedacht heb.
Gister heb ik mijn eerste voorzichtige stappen gezet in Facebook land. En weet je, het is gewoon hartstikke gezellig. Ik heb al 11 vrienden, ben nu eindelijk officieel getrouwd met F. (je moet wel allebei 'actief' zijn, anders blijk je weliswaar getrouwd maar met niemand), heb een prikbord en een zus, als ik zeg dat ik Armin leuk vind staat Armin de hele tijd op mijn prikbord dus dat zeg ik niet, en ik ben nu echt eindeloos aan het controleren of er nog iemand wat gepost heeft. De kinderen doen maar iets voor zichzelf en met F. communiceer ik via ons beider prikbord. Spitsvondig en scherp als we zijn. Het leuke is dat iedereen zich ermee kan bemoeien, dus voor je het weet heb je een enorm kringgesprek over een klein echtelijk misverstandje. Enig.... Geloof ik....
Eens kijken of de PR kant van het verhaal zoden aan den dijk gaat zetten.
Gister heb ik mijn eerste voorzichtige stappen gezet in Facebook land. En weet je, het is gewoon hartstikke gezellig. Ik heb al 11 vrienden, ben nu eindelijk officieel getrouwd met F. (je moet wel allebei 'actief' zijn, anders blijk je weliswaar getrouwd maar met niemand), heb een prikbord en een zus, als ik zeg dat ik Armin leuk vind staat Armin de hele tijd op mijn prikbord dus dat zeg ik niet, en ik ben nu echt eindeloos aan het controleren of er nog iemand wat gepost heeft. De kinderen doen maar iets voor zichzelf en met F. communiceer ik via ons beider prikbord. Spitsvondig en scherp als we zijn. Het leuke is dat iedereen zich ermee kan bemoeien, dus voor je het weet heb je een enorm kringgesprek over een klein echtelijk misverstandje. Enig.... Geloof ik....
Eens kijken of de PR kant van het verhaal zoden aan den dijk gaat zetten.
vrijdag 25 februari 2011
K's spagaat
En terwijl wij opgeslokt worden door die aandachtverslindende peuterpuber, wordt in de luwte ons oudste kind groter en groter. Soms probeert ze dat ons duidelijk te maken door wat voorzichtig te mopperen over haar spijkerbroek op hoog water en de knoop die niet meer dicht gaat. Maar ja, wij hebben natuurlijk geen tijd om daar op te letten. Druk als we zijn met corrigeren, interruperen, anticiperen, stoofperen en frustreren.
Dus toen ik onlangs thuis kwam en zag dat de bank helemaal gevuld werd door 1 enkel kind terwijl Nick en Simon luidkeels door onze kamer schalden moest ik dat toch eens van dichtbij bekijken. Welk enorm groot kind ligt er nou zomaar op onze bank en luistert naar Nick en Simon was de vraag die mij bezighield.
Ik tilde het dekentje op waaronder dit grote bankvullende kind lag. En ik geloofde mijn ogen niet. Daar lag mijn eerstgeborene. Mijn kleine zachte onschuldige baby. Het kind wat mijn moederhart had doen ontwaken. Wanneer was dit gebeurd? Wie had dit kind zoveel boterhammen gegeven dat er nu al dit van gekomen was?
V. keerde zich tergend traag om, keek mij zinloos lui aan, strekte haar hand naar de schouw uit en zei : "`Hé mam... de afstandsbediening?"
Dus toen ik onlangs thuis kwam en zag dat de bank helemaal gevuld werd door 1 enkel kind terwijl Nick en Simon luidkeels door onze kamer schalden moest ik dat toch eens van dichtbij bekijken. Welk enorm groot kind ligt er nou zomaar op onze bank en luistert naar Nick en Simon was de vraag die mij bezighield.
Ik tilde het dekentje op waaronder dit grote bankvullende kind lag. En ik geloofde mijn ogen niet. Daar lag mijn eerstgeborene. Mijn kleine zachte onschuldige baby. Het kind wat mijn moederhart had doen ontwaken. Wanneer was dit gebeurd? Wie had dit kind zoveel boterhammen gegeven dat er nu al dit van gekomen was?
V. keerde zich tergend traag om, keek mij zinloos lui aan, strekte haar hand naar de schouw uit en zei : "`Hé mam... de afstandsbediening?"
zondag 30 januari 2011
K's slag bij Nieuwpoort
Het was pak 'm beet een maand geleden dat V.'tje zich realiseerde dat als hij niet gauw wat deed, hij zijn kansen op een lekkere dwarse peuterpuberteit verspeelde (ik bedoel, als fatsoenlijke kleuter kan je natuurlijk niet meer krijsend op de grond laan liggen omdat je koekje kapot is...). Dus terwijl F. en ik elkaar al trots op de schouders klopten, dat we het bij de derde toch echt leken te begrijpen, dat we deze kleine man zonder noemenswaardige problemen richting kleuterschool aan het loodsen waren, maakte V.'tje zijn plan van aanpak. En toen wij heel even de andere kant op keken ging hij los.
Ik moet zeggen... ik wist niet dat hij het in zich had.
Enorm.
V.'tje blijkt in staat om vanuit ieder onbeduidend voorval een opstand te veroorzaken waar de Slag bij Nieuwpoort bij verbleekt.
Als het mijn kind niet was zou ik er met diep respect naar kijken.
Maar het is mijn kind wel. Jemig. Wat een toestand.
Hij krijst en gilt als hij zijn zin niet krijgt, als hij zijn zin wel krijgt gaat hij gillen omdat zijn sok verkeerd zit. Hij wil niet uit bad, ook niet als het water weggelopen is, hij huilt alleen tranen met tuiten omdat hij het zo kouhouhoud heeft. Hij wil niet aankleden, hij wil naar beneden, maar niet bloot. Hij moet een andere luier, deze is niet goehoehoed. Hij wil zelluf zijn brood snijden maar hij krijgt het korstje niet doohoohoor. Hij wil zo graag liefde en aandacht maar kusjes doen pijhijhijn.
En wee je gebeente als er één van zijn 6 stuiterballen onder de kast rolt, iemand aan zijn zelfgetekende schatkaart zit, hij geen snoepje mag, je voor de tv staat als hij zit te kijken, hij mee naar buiten moet, je naar buiten gaat zonder hem, wee - je - gebeente.
Vrijdag in de supermarkt had V.'tje het toetje uit mogen zoeken. Zijn oog was gevallen op slagroomvla, de chocoladevariant. Aan tafel had hij er helemaal zin in. Zelf een bakje en lepeltje gepakt, de slagroomvla uit de koelkast. Hij was er helemaal klaar voor.
F. doet de vla in zijn bakje.
V.'tje kijkt,
kijkt,
kijkt van zijn bakje met de bruine vla naar het pak slagroomvla naar F.
"En nu de slagroom", sommeert hij.
Ik hoef waarschijnlijk niet uit te leggen hoe de situatie was nadat F. had proberen uit te leggen hoe het met de slagroom zat.
Ik moet zeggen... ik wist niet dat hij het in zich had.
Enorm.
V.'tje blijkt in staat om vanuit ieder onbeduidend voorval een opstand te veroorzaken waar de Slag bij Nieuwpoort bij verbleekt.
Als het mijn kind niet was zou ik er met diep respect naar kijken.
Maar het is mijn kind wel. Jemig. Wat een toestand.
Hij krijst en gilt als hij zijn zin niet krijgt, als hij zijn zin wel krijgt gaat hij gillen omdat zijn sok verkeerd zit. Hij wil niet uit bad, ook niet als het water weggelopen is, hij huilt alleen tranen met tuiten omdat hij het zo kouhouhoud heeft. Hij wil niet aankleden, hij wil naar beneden, maar niet bloot. Hij moet een andere luier, deze is niet goehoehoed. Hij wil zelluf zijn brood snijden maar hij krijgt het korstje niet doohoohoor. Hij wil zo graag liefde en aandacht maar kusjes doen pijhijhijn.
En wee je gebeente als er één van zijn 6 stuiterballen onder de kast rolt, iemand aan zijn zelfgetekende schatkaart zit, hij geen snoepje mag, je voor de tv staat als hij zit te kijken, hij mee naar buiten moet, je naar buiten gaat zonder hem, wee - je - gebeente.
Vrijdag in de supermarkt had V.'tje het toetje uit mogen zoeken. Zijn oog was gevallen op slagroomvla, de chocoladevariant. Aan tafel had hij er helemaal zin in. Zelf een bakje en lepeltje gepakt, de slagroomvla uit de koelkast. Hij was er helemaal klaar voor.
F. doet de vla in zijn bakje.
V.'tje kijkt,
kijkt,
kijkt van zijn bakje met de bruine vla naar het pak slagroomvla naar F.
"En nu de slagroom", sommeert hij.
Ik hoef waarschijnlijk niet uit te leggen hoe de situatie was nadat F. had proberen uit te leggen hoe het met de slagroom zat.
zondag 23 januari 2011
K's vijandige overname
Het was net iets langer dan 10 jaar geleden dat liefste vriendinnetje S. (samen met nog 3 belangrijke anderen), haar handtekening zette onder het huwelijk van F. en mij. Dat was fijn want zonder haar handtekening (en die van die 3 belangrijke anderen) was het hele feest niet eens begonnen. Kort daarop fluisterde ze mij in mijn oor dat die handtekening ook een jaarlijks weekendje weg garantie was. Onafhankelijk van wat wij allemaal zouden produceren.
Dus zo kwam het dat wij onlangs voor de 10e keer met onze bloedjes bij ze voor de deur stonden. Daar waar het 10 jaar geleden enkel een klein schattig babietje en een pupperig hondje betrof was het nu een driekoppige draak en een chagrijnige oude labrador. En daar waar het 10 jaar geleden enkel liefste vriendinnetje S. en echtgenoot was die we overvielen stond nu zoon D. eens te aanschouwen wie er allemaal aan het speelgoed kwamen zitten wat van hem en zijn broertje was.
Het voelde een beetje als een vijandige overname, die hele toestand die wij daar naar binnen fietsten. Maar op één of andere wonderlijke manier vindt iedereen het leuk. De 5 kinderen (jemig, waar komen die allemaal vandaan??) hebben het gezellig, de 2 honden lebberen lekker aan elkaars oor (ook al zijn ze een tikje grijs aan de neus), de eindeloos geduldige voorwaarden scheppende liefjes weten tussen al het zorgen door te genieten en wij... Wij zijn zo gelukkig. Wij hebben gewoon een heel weekend voor onszelf. Helemaal voor onszelf. Dat is toch retechique als je inmiddels 3 kinderen en een hond ergens onder moet brengen.
Dus zo kwam het dat wij onlangs voor de 10e keer met onze bloedjes bij ze voor de deur stonden. Daar waar het 10 jaar geleden enkel een klein schattig babietje en een pupperig hondje betrof was het nu een driekoppige draak en een chagrijnige oude labrador. En daar waar het 10 jaar geleden enkel liefste vriendinnetje S. en echtgenoot was die we overvielen stond nu zoon D. eens te aanschouwen wie er allemaal aan het speelgoed kwamen zitten wat van hem en zijn broertje was.
Het voelde een beetje als een vijandige overname, die hele toestand die wij daar naar binnen fietsten. Maar op één of andere wonderlijke manier vindt iedereen het leuk. De 5 kinderen (jemig, waar komen die allemaal vandaan??) hebben het gezellig, de 2 honden lebberen lekker aan elkaars oor (ook al zijn ze een tikje grijs aan de neus), de eindeloos geduldige voorwaarden scheppende liefjes weten tussen al het zorgen door te genieten en wij... Wij zijn zo gelukkig. Wij hebben gewoon een heel weekend voor onszelf. Helemaal voor onszelf. Dat is toch retechique als je inmiddels 3 kinderen en een hond ergens onder moet brengen.
maandag 3 januari 2011
K's st(o)ring
F. had mij bezworen dat ik gerust de kamer binnen mag stappen als hij zit te mediteren. Nog steeds doe ik het liever niet want ik heb toch het gevoel dat ik ergens in stoor. Maar vanochtend was er een heilig moeten want de broek die ik na ernstig lang wikken en wegen had besloten aan te trekken lag op de strijkplank, en die staat naast F. zijn meditatiebank. Ik had het al even uitgesteld maar kreeg gewoon hele kouwe benen toen ik alleen in mijn sokken, string en bovenkleren mijn mascara op stond te doen. Dus hop dan maar, op mijn tenen sloop ik naar de strijkplank en met mijn rug naar F. voelde ik in het donker tussen de stapel schone kleren.
"Ja hoor", hoorde ik F. achter me, op een duidelijk harder geluidsniveau dan je verwacht van een mediterende man. "Dit is wel de bloody limit."
En zo bleek maar weer dat het begrip stoorzender voor meerderlei uitleg vatbaar is. Daar waar ik mijzelf behoorlijk storend vind als ik tijdens een meditatie binnenkom vindt F. het pas storen als ik gekleed ben in sokken, een shirt en enkelt een string.
"Ja hoor", hoorde ik F. achter me, op een duidelijk harder geluidsniveau dan je verwacht van een mediterende man. "Dit is wel de bloody limit."
En zo bleek maar weer dat het begrip stoorzender voor meerderlei uitleg vatbaar is. Daar waar ik mijzelf behoorlijk storend vind als ik tijdens een meditatie binnenkom vindt F. het pas storen als ik gekleed ben in sokken, een shirt en enkelt een string.
donderdag 30 december 2010
K's feestdagen?
Eigenlijk was het gewoon heel anders.
Al had V. wel een kleine klacht op 2e kerstdag: "Eten we nu alweer brood?"
Wat niet helemaal waar was want ik zat 2e kerstdag aan een voorzichtig beschuitje.
Aangezien ik op dat moment net 'aan de beurt' was geweest.
En de rest van de familie al wat verderop in het herstelproces zat.
Dus het kerstdiner werd uitgesteld.
En nog een dag uitgesteld.
En toen we ergens halverwege die week allevijf weer een redelijk rustige maag en darmen hadden ging F. los in de keuken.
Bereidde hij een exorbitante indische kerstmaaltijd.
Wat op zich best een risico was.
Maar het ging goed.
En het was heerlijk.
Al had V. wel een kleine klacht op 2e kerstdag: "Eten we nu alweer brood?"
Wat niet helemaal waar was want ik zat 2e kerstdag aan een voorzichtig beschuitje.
Aangezien ik op dat moment net 'aan de beurt' was geweest.
En de rest van de familie al wat verderop in het herstelproces zat.
Dus het kerstdiner werd uitgesteld.
En nog een dag uitgesteld.
En toen we ergens halverwege die week allevijf weer een redelijk rustige maag en darmen hadden ging F. los in de keuken.
Bereidde hij een exorbitante indische kerstmaaltijd.
Wat op zich best een risico was.
Maar het ging goed.
En het was heerlijk.
zaterdag 11 december 2010
K's dooie rooie je weet wel kater
Op weg naar bed zie ik hem weer liggen. Voor de zoveelste keer in de mand met sjaals, mutsen en wanten. Een plek waar ik hem niet wil hebben want al die wollige spullen zitten onder de rooie kattenharen na zo'n tukje. Dus ik zet mijn handen onder zijn billen en geef hem een zetje: "Kom op Harrie, eruit.." En in plaats van een geïrriteerde mauw van een warme logge kat die tegen zijn zin de mand uit springt geeft het beestje helemaal niet mee. Hij is koud. Hij is stijf. Hij is dood.
Na 14 en een half jaar is het zomaar ineens op. Stilletjes piept hij er tussen uit. Geen ziektebed, geen moeilijke beslissingen, geen echtelijke onenigheid over investeringsdiepte. En ook geen gewenningsperiode, geen afscheid.
Vanochtend hebben we Harrie begraven. In de tuin.
F. heeft een heel diepe kuil gegraven. V. en E. hebben Harrie in de kist verwend met een warme sjaal en muts (daar wassie gek op, dat mag duidelijk zijn) en we hebben samen de kuil weer dichtgemaakt en aangestampt.
Het verdriet van de meisjes gaat door merg en been. Er zit geen grote mensen relativering op. Dood is dood en dat betekent dat Harrie nooit meer terugkomt en daar moet je keihard van huilen. Boeien dat hij mooi is dood gegaan, niet heeft geleden. En dat enorme verdriet met grote tranen en snottebellen gaat hand in hand met spelletjes doen, koprollen maken en hard lachen.
Toen de kuil dicht was hebben we bij het graf Jip en Janneke champagne gedronken.
Op Harrie!
Na 14 en een half jaar is het zomaar ineens op. Stilletjes piept hij er tussen uit. Geen ziektebed, geen moeilijke beslissingen, geen echtelijke onenigheid over investeringsdiepte. En ook geen gewenningsperiode, geen afscheid.
Vanochtend hebben we Harrie begraven. In de tuin.
F. heeft een heel diepe kuil gegraven. V. en E. hebben Harrie in de kist verwend met een warme sjaal en muts (daar wassie gek op, dat mag duidelijk zijn) en we hebben samen de kuil weer dichtgemaakt en aangestampt.
Het verdriet van de meisjes gaat door merg en been. Er zit geen grote mensen relativering op. Dood is dood en dat betekent dat Harrie nooit meer terugkomt en daar moet je keihard van huilen. Boeien dat hij mooi is dood gegaan, niet heeft geleden. En dat enorme verdriet met grote tranen en snottebellen gaat hand in hand met spelletjes doen, koprollen maken en hard lachen.
Toen de kuil dicht was hebben we bij het graf Jip en Janneke champagne gedronken.
Op Harrie!
zondag 5 december 2010
donderdag 2 december 2010
K's kookfeestje
Het is van een klasse apart, het managen van een kinderfeestje. Zoals ik tegen een collega zei: "ik pers er liever een business plan voor 2011 uit..." Maar als ik dan een dag later kan terugkijken op een gezellige middag en een keiblij kind ben ik toch wel in mijn sas.
Het was dit jaar weer van bijzondere allure. Een kookfeestje, in eigen huis. Drie jongens, zes meisjes, drie gangen, een gevoelstemperatuur van min vijftien. Ik was Chef Snijden, Hakken, Koken en Bakken, F. was Chef Buitenspelletjes. Het duidelijk verdelen van taken tussen F. en mij stamt nog uit de tijd dat we ons huis gingen verbouwen en nog moesten trouwen. Samen klussen bleek onze aanstaande trouwdag ernstig onder druk te zetten. Zo werd F. projectleider benedenverdieping, ik projectleider bovenverdieping en trouwden wij compleet gelukkig en met elkaar. Maar dat slechts terzijde.
Het bleek een prima combi, de meisjes zaten eindeloos keurig de champignons, paprika's en ui in miniscule stukjes te snijden en tegen de tijd dat de beheersing van de jongens op was en de sperciebonen door de lucht vlogen bleek het een uitstekend moment voor een potje 'trefbal in de sneeuw'. En daar waar de meisjes bij het opeten van het hoofdgerecht heel geduldig de zelf gesneden champignons, paprika en ui apart schoven (want dat blief ik niet) vielen de jongens aan op de wraps zonder enigszins te proeven waar de vulling in hemelsnaam uit bestond.
Ondertussen koelden wij een verzwikte enkel (enigszins risicovol, buskruiten op een ijsglad plein) en blusten we een huis tuin en keuken brandje (het servetje kwam per ongeluk in de kaars en het jongetje in kwestie dacht dat 'uitblazen' een goede optie was).
Duidelijk merkbaar dat de rek eruit begon te raken propten we er nog een toetje in, schoven we ze allemaal nog wat zinloze give-away-rommel in de handen en hupsakee, tijd voor een rondje thuis brengen. Waarbij één van de feestgangers bij thuiskomst de legendarische woorden sprak: "Ik heb wel een beetje trek... "
Het was dit jaar weer van bijzondere allure. Een kookfeestje, in eigen huis. Drie jongens, zes meisjes, drie gangen, een gevoelstemperatuur van min vijftien. Ik was Chef Snijden, Hakken, Koken en Bakken, F. was Chef Buitenspelletjes. Het duidelijk verdelen van taken tussen F. en mij stamt nog uit de tijd dat we ons huis gingen verbouwen en nog moesten trouwen. Samen klussen bleek onze aanstaande trouwdag ernstig onder druk te zetten. Zo werd F. projectleider benedenverdieping, ik projectleider bovenverdieping en trouwden wij compleet gelukkig en met elkaar. Maar dat slechts terzijde.
Het bleek een prima combi, de meisjes zaten eindeloos keurig de champignons, paprika's en ui in miniscule stukjes te snijden en tegen de tijd dat de beheersing van de jongens op was en de sperciebonen door de lucht vlogen bleek het een uitstekend moment voor een potje 'trefbal in de sneeuw'. En daar waar de meisjes bij het opeten van het hoofdgerecht heel geduldig de zelf gesneden champignons, paprika en ui apart schoven (want dat blief ik niet) vielen de jongens aan op de wraps zonder enigszins te proeven waar de vulling in hemelsnaam uit bestond.
Ondertussen koelden wij een verzwikte enkel (enigszins risicovol, buskruiten op een ijsglad plein) en blusten we een huis tuin en keuken brandje (het servetje kwam per ongeluk in de kaars en het jongetje in kwestie dacht dat 'uitblazen' een goede optie was).
Duidelijk merkbaar dat de rek eruit begon te raken propten we er nog een toetje in, schoven we ze allemaal nog wat zinloze give-away-rommel in de handen en hupsakee, tijd voor een rondje thuis brengen. Waarbij één van de feestgangers bij thuiskomst de legendarische woorden sprak: "Ik heb wel een beetje trek... "
zaterdag 27 november 2010
K's brok
En weer laat ik me verrassen.
Terwijl ik achteraan in het treintje de zoldertrap op loop.
Met in mijn handen het grote papa-en-mama-kado.
En voor de 9e keer heel hard ´Lang zal ze leven´ zing.
Weer ben ik verrast door de brok in mijn keel.
De brok waardoor ik niet verder kan zingen.
Maar een beetje murmel.
Iets wat lijkt op 'Lang zal ze leven...
...in de gloria!!!'
Terwijl ik achteraan in het treintje de zoldertrap op loop.
Met in mijn handen het grote papa-en-mama-kado.
En voor de 9e keer heel hard ´Lang zal ze leven´ zing.
Weer ben ik verrast door de brok in mijn keel.
De brok waardoor ik niet verder kan zingen.
Maar een beetje murmel.
Iets wat lijkt op 'Lang zal ze leven...
...in de gloria!!!'
dinsdag 16 november 2010
K's nakijken
Men schrijve 16 november.
De dag dat de dochter slimmer blijkt dan de moeder.
Mijn F. is een telg uit een redelijk clever nest. Ik noem hem gekscherend wel eens 'mijn nurdje' maar dat is natuurlijk alleen gekscherend. Regelmatig bevind ik mij aan de overkant van de tafel, mijn uiterste best doend mijn echtgenoot te volgen terwijl hij geduldig uitlegt hoe de deeltjesversneller werkt, waarom geluid in golven komt of hoe je die godvergeten kubus van Rubik oplost. En altijd weer raak ik lost. Ik ga een beetje begrijpend knikken, hum wat quasi intelligent in het rond en denk na over het boodschappenlijstje.
Het is niet erg hoor. Ik heb weer andere kwaliteiten. Maar ik ga er wel graag vanuit dat ik mij in het goede koesterende gezelschap bevind van velen, waaronder mijn eigen kroost, die allen dezelfde afhaakneiging hebben. Altijd fijn om met meer te zijn.
Laatst deed F. een poging mij uit te leggen hoe het binaire stelsel werkt. Ook weer zoiets. Totaal onzinnig om daar tijd in te stoppen. Mijn brein is echt te klein om dit te kunnen snappen. Ik lachtte het weg en stapte zonder schroom over naar de orde van de dag. Tot vanochtend. Aan het ontbijt.
De meiden worden tijdens het wegstouwen van wat brood graag uitgedaagd met gezellige rekensommen. Voor E. van 0 tot 14, voor V. van 0 tot 100. Ik kan keigoed hoofdrekenen dus hoor het instemmend aan. Maar terwijl ik mijn cruesli fijn kauw hoor ik V. een antwoord geven wat echt nergens op slaat. "Heel goed", zegt F terwijl hij triomfantelijk naar mij kijkt. Ik verslik me, kijk naar V. die bijzonder trots vermeldt: "Dat is binair rekenen mam".
Men schrijve 16 november.
De dag dat de dochter slimmer blijkt dan de moeder.
Ik kan mijn moment ook nog herinneren. Het had te maken met wis- of natuurkunde. En ik was zeker al 14, maar misschien wel 16. En ik vond mezelf een hele peer...
De dag dat de dochter slimmer blijkt dan de moeder.
Mijn F. is een telg uit een redelijk clever nest. Ik noem hem gekscherend wel eens 'mijn nurdje' maar dat is natuurlijk alleen gekscherend. Regelmatig bevind ik mij aan de overkant van de tafel, mijn uiterste best doend mijn echtgenoot te volgen terwijl hij geduldig uitlegt hoe de deeltjesversneller werkt, waarom geluid in golven komt of hoe je die godvergeten kubus van Rubik oplost. En altijd weer raak ik lost. Ik ga een beetje begrijpend knikken, hum wat quasi intelligent in het rond en denk na over het boodschappenlijstje.
Het is niet erg hoor. Ik heb weer andere kwaliteiten. Maar ik ga er wel graag vanuit dat ik mij in het goede koesterende gezelschap bevind van velen, waaronder mijn eigen kroost, die allen dezelfde afhaakneiging hebben. Altijd fijn om met meer te zijn.
Laatst deed F. een poging mij uit te leggen hoe het binaire stelsel werkt. Ook weer zoiets. Totaal onzinnig om daar tijd in te stoppen. Mijn brein is echt te klein om dit te kunnen snappen. Ik lachtte het weg en stapte zonder schroom over naar de orde van de dag. Tot vanochtend. Aan het ontbijt.
De meiden worden tijdens het wegstouwen van wat brood graag uitgedaagd met gezellige rekensommen. Voor E. van 0 tot 14, voor V. van 0 tot 100. Ik kan keigoed hoofdrekenen dus hoor het instemmend aan. Maar terwijl ik mijn cruesli fijn kauw hoor ik V. een antwoord geven wat echt nergens op slaat. "Heel goed", zegt F terwijl hij triomfantelijk naar mij kijkt. Ik verslik me, kijk naar V. die bijzonder trots vermeldt: "Dat is binair rekenen mam".
Men schrijve 16 november.
De dag dat de dochter slimmer blijkt dan de moeder.
Ik kan mijn moment ook nog herinneren. Het had te maken met wis- of natuurkunde. En ik was zeker al 14, maar misschien wel 16. En ik vond mezelf een hele peer...
woensdag 3 november 2010
K's studentenman
"Nee schatje, ik haal de bloemen wel voor de 480e trouwdag van mijn ouders, dat kan wel even tussen hoofdstuk 4 en 5 door".
Altijd fijn.
Denk je dan.
Zo'n man die het thuis een beetje onder controle houdt tijdens het studeren.
Denk je dan.
Tijdens een gesprek met collega x gaat de telefoon. De telefoon staat op stil dus het gesprek wordt niet gestoord. Ik ben de enige die het doorheeft omdat mijn oog er op valt. Het is F. Ik neem niet op. Het gesprek is te intensief. De telefoon gaat meteen daarna weer. Het is weer F. Ik raak uit mijn gespreksconcentratie. En neem weer niet op. Vervolg mijn gesprek. De telefoon gaat direct voor de derde keer. Het is weer F. Er is iets aan de hand. Dat moet wel. Ik verontschuldig mij bij collega x. "Sorry. Ik geloof dat het echt moet". En neem de telefoon op.
"Ja?
Wat is er?"
"Nou... ik sta bij de bloemenwinkel.
En ik heb geen idee welke bloemen ik moet kiezen.
Ze zijn allemaal truttig."
Altijd fijn.
Denk je dan.
Zo'n man die het thuis een beetje onder controle houdt tijdens het studeren.
Denk je dan.
Tijdens een gesprek met collega x gaat de telefoon. De telefoon staat op stil dus het gesprek wordt niet gestoord. Ik ben de enige die het doorheeft omdat mijn oog er op valt. Het is F. Ik neem niet op. Het gesprek is te intensief. De telefoon gaat meteen daarna weer. Het is weer F. Ik raak uit mijn gespreksconcentratie. En neem weer niet op. Vervolg mijn gesprek. De telefoon gaat direct voor de derde keer. Het is weer F. Er is iets aan de hand. Dat moet wel. Ik verontschuldig mij bij collega x. "Sorry. Ik geloof dat het echt moet". En neem de telefoon op.
"Ja?
Wat is er?"
"Nou... ik sta bij de bloemenwinkel.
En ik heb geen idee welke bloemen ik moet kiezen.
Ze zijn allemaal truttig."
zondag 31 oktober 2010
K's wintertijd
Ook al haat ik het ieder jaar meer dat de dagen kort en donker worden, deze eindeloze zondag is het echt de beste van het jaar. Ieder uur weer kijk ik op de klok en denk ik verbaasd "Ach... zo vroeg pas..."
zaterdag 30 oktober 2010
K's pakezel
Ik was tot nu toe erg in mijn nopjes met het speelgedrag van V.'tje. Daar waar zijn zussen verzuipen in de frutsels en prutsels, in ieder laatje kleine poppetjes, balletjes, knipseltjes bewaren, heen en weer sjouwen met knuffels in doekjes in koffertjes in mandjes in een emmer. Daar speelt V.'tje met samenhangend speelgoed. Hij speelt met auto's in de parkeergarage (heel soms mag Dora meedoen), hij speelt met de duplotrein op de duplotreinbaan (heel soms mag 'Swieber niet stelen' in het wagonnetje), hij speelt met een bal als hij wil voetballen. Helder duidelijk en bovenal overzichtelijk én goed op te ruimen.
Maar er komt verandering in. En of hij nou aangestoken is door het typische verzamelgedrag van zijn zussen of dat het een fase is (o alsjeblieft laat het een fase zijn) is niet duidelijk. Het feit is dat hij de hele dag, van hot naar her, in bed en aan tafel, een hele optocht aan vaste en wisselende contacten bij zich draagt.
Vaste prik is grote vriend de Lollifant (van de gelijknamige Pooh-film, bijzonder de moeite waard voor jonge kinderen én hun ouders, eerlijk is eerlijk, ik kan er geen genoeg van krijgen...). De nek van de Lollifant neemt inmiddels een ernstig dunne vorm aan aangezien hij al maanden en maanden onder de arm van V.'tje woont. En de rest van de speletoestand is afhankelijk van de bui van de drager. De 101 dalmatier pup die bij Lollifant hangt is sinds de afgelopen week in the picture. Een roze tasje met kastanjes heeft hiervoor het veld moeten ruimen. In zijn andere hand bevinden zich de afgelopen 2 dagen een gouden autootje en één of ander supermarktlokkertje.
En dat is hoe hij de dag doorloopt. En wee je gebeente als één van zijn favorites uit het oog raakt. Acuut! Grote paniek! Niemand de deur uit!
's Avonds, als de engel slaapt, peuter ik de kleine speelgoedjes uit zijn dichtgevouwen warme handjes en leg ze in het zicht op zijn commode. Dan kan hij ze in ieder geval niet per ongeluk opeten.
Maar er komt verandering in. En of hij nou aangestoken is door het typische verzamelgedrag van zijn zussen of dat het een fase is (o alsjeblieft laat het een fase zijn) is niet duidelijk. Het feit is dat hij de hele dag, van hot naar her, in bed en aan tafel, een hele optocht aan vaste en wisselende contacten bij zich draagt.
Vaste prik is grote vriend de Lollifant (van de gelijknamige Pooh-film, bijzonder de moeite waard voor jonge kinderen én hun ouders, eerlijk is eerlijk, ik kan er geen genoeg van krijgen...). De nek van de Lollifant neemt inmiddels een ernstig dunne vorm aan aangezien hij al maanden en maanden onder de arm van V.'tje woont. En de rest van de speletoestand is afhankelijk van de bui van de drager. De 101 dalmatier pup die bij Lollifant hangt is sinds de afgelopen week in the picture. Een roze tasje met kastanjes heeft hiervoor het veld moeten ruimen. In zijn andere hand bevinden zich de afgelopen 2 dagen een gouden autootje en één of ander supermarktlokkertje.
En dat is hoe hij de dag doorloopt. En wee je gebeente als één van zijn favorites uit het oog raakt. Acuut! Grote paniek! Niemand de deur uit!
's Avonds, als de engel slaapt, peuter ik de kleine speelgoedjes uit zijn dichtgevouwen warme handjes en leg ze in het zicht op zijn commode. Dan kan hij ze in ieder geval niet per ongeluk opeten.
maandag 18 oktober 2010
K's herinnering
Toch geinig.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat F. op deze avond in 2007 er echt even uit moest en op het punt stond een potje te gaan poolen. En dat hij om half 8 besloot dat het wellicht niet verstandig was om te gaan.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat ik liefste vriendinnetje S. om half 8 smste dat ik een knapje en een klotsje had gevoeld.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat schoolvriend K. om een uur of half 9 belde om te vragen hoe het eigenlijk ging. Nou best zei ik nog. Want zo ging het. Al was ik het wel spuug en spuug zat.
En dan te bedenken dat ik altijd een beetje moest zuchten van mijn moeder die ieder jaar weer het verhaal vertelde van de boerenkool, de douche terwijl "je vader stond te stressen dat ik eronderuit moest komen" en de 'floep daar was je al diezelfde avond nog'- bevalling.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat F. op deze avond in 2007 er echt even uit moest en op het punt stond een potje te gaan poolen. En dat hij om half 8 besloot dat het wellicht niet verstandig was om te gaan.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat ik liefste vriendinnetje S. om half 8 smste dat ik een knapje en een klotsje had gevoeld.
Dat ik me altijd zal kunnen herinneren dat schoolvriend K. om een uur of half 9 belde om te vragen hoe het eigenlijk ging. Nou best zei ik nog. Want zo ging het. Al was ik het wel spuug en spuug zat.
En dan te bedenken dat ik altijd een beetje moest zuchten van mijn moeder die ieder jaar weer het verhaal vertelde van de boerenkool, de douche terwijl "je vader stond te stressen dat ik eronderuit moest komen" en de 'floep daar was je al diezelfde avond nog'- bevalling.
zondag 10 oktober 2010
K's knarslapje (deel 2)
Mijn knarslapje en ik, wij hebben het nog niet echt gevonden met elkaar. We vallen nu een krappe 2 weken samen in slaap en er is nog geen ochtend geweest dat we samen wakker werden. De eerste paar ochtenden trof ik mijn knarslapje keurig op het nachtkastje aan. Geen idee hoe het daar terecht was gekomen.
Vorig weekend werd het gekker. Mijn knarslapje lag niet op het nachtkastje, niet onder mijn kussen, niet naast mijn bed. Het enige dat ik me nog vaag kon herinneren was dat ik ergens 's nachts had gedroomd dat ik een stapel kleren stevig aandrukte. Beneden op de mat trof ik de factuur van de tandarts, een enorme stimulans om mijn knarslapje stante pede terug te vinden, anders kon dit wel eens een hele dure hobby gaan worden.
En zo kwam het dat ik de hele zaterdagmiddag besteedde aan het terugvinden van mijn knasrslapje. Gestuurd door de herinnering aan mijn vage droom zocht ik tussen de stapel onderbroeken, de t-shirts, de broeken, in de sokkenmand, bij het beddengoed, in de mand met skikleren. Alles moest van de muur, de stofvlokken vlogen in het rond, en passant stofzoog ik de dikke spin op, die het nachtkastje van F. bleek te bewonen, waarna ik de stofzuiger een half uur aan liet staan omdat ik bang was dat de griezel anders door de slang eruit zou kruipen. En langzaam bekroop mij het unheimische gevoel dat ik rare dingen doe 's nachts, en dat ik misschien wel mijn knarslapje door de wc had gespoeld.
Ik kocht de kinderen om, als zij het knarslapje zouden vinden mochten ze tv kijken mét chips erbij. Dus zij rolden over het bed, om te voelen of het echt nergens lag, kropen onder het bed, schoven alles nog eens opzij. Niets noppes nada. Gewoon van de aardbodem verdwenen.
Toch hield ik moed. Wie weet zou ik in de nacht een helder moment krijgen en zo in één vloeiende beweging mijn knarslapje onder uit tussen de weet ik veel wat vandaan vissen. En zo geschiedde.
Om half 5 in de ochtend strek ik me asociaal dwars over het bed uit en waar steek ik mijn teen in? Juist.
Samen wakker worden zit er nog steeds niet in maar sinds die barre zoektocht hou ik mijn knarslapje beter in het slapende oog.
Vorig weekend werd het gekker. Mijn knarslapje lag niet op het nachtkastje, niet onder mijn kussen, niet naast mijn bed. Het enige dat ik me nog vaag kon herinneren was dat ik ergens 's nachts had gedroomd dat ik een stapel kleren stevig aandrukte. Beneden op de mat trof ik de factuur van de tandarts, een enorme stimulans om mijn knarslapje stante pede terug te vinden, anders kon dit wel eens een hele dure hobby gaan worden.
En zo kwam het dat ik de hele zaterdagmiddag besteedde aan het terugvinden van mijn knasrslapje. Gestuurd door de herinnering aan mijn vage droom zocht ik tussen de stapel onderbroeken, de t-shirts, de broeken, in de sokkenmand, bij het beddengoed, in de mand met skikleren. Alles moest van de muur, de stofvlokken vlogen in het rond, en passant stofzoog ik de dikke spin op, die het nachtkastje van F. bleek te bewonen, waarna ik de stofzuiger een half uur aan liet staan omdat ik bang was dat de griezel anders door de slang eruit zou kruipen. En langzaam bekroop mij het unheimische gevoel dat ik rare dingen doe 's nachts, en dat ik misschien wel mijn knarslapje door de wc had gespoeld.
Ik kocht de kinderen om, als zij het knarslapje zouden vinden mochten ze tv kijken mét chips erbij. Dus zij rolden over het bed, om te voelen of het echt nergens lag, kropen onder het bed, schoven alles nog eens opzij. Niets noppes nada. Gewoon van de aardbodem verdwenen.
Toch hield ik moed. Wie weet zou ik in de nacht een helder moment krijgen en zo in één vloeiende beweging mijn knarslapje onder uit tussen de weet ik veel wat vandaan vissen. En zo geschiedde.
Om half 5 in de ochtend strek ik me asociaal dwars over het bed uit en waar steek ik mijn teen in? Juist.
Samen wakker worden zit er nog steeds niet in maar sinds die barre zoektocht hou ik mijn knarslapje beter in het slapende oog.
zondag 26 september 2010
K's meidenuitje
We hebben 2 keer drie kwartier in de auto en Mega Mindy is onze vriendin.
V. hangt onderuit, zingt wat ingetogen maar zeer geconcentreerd de liedjes over de onbeantwoorde liefde van Mega Mindy voor hunk Toby. Je ziet aan haar gekwelde blik dat ze zich tot in haar tenen inleeft. Ik moet denken aan mijn tiende levensjaar, waarin ik vreselijk onbeantwoord maar zo overtuigd verliefd was. Heerlijk mezelf verliezen in de fantastische wereld die ik in mijn hoofd maakte.
E. kweelt vol overgave alles mee. Ze is bijzonder tevreden over haar zangkwaliteiten: "Moet je luisteren mama, mijn stem is net zo mooi als die van Mega Mindy, hoor je dat?" Ik hoor iets heel anders, maar dat is natuurlijk geheim. Ik moet denken aan mijn eigen jeugdige overtuiging, ik had ook zo'n prachtige zangstem, een ietwat vertekend zelfbeeld wat mij veel plezier heeft gebracht.
Eén moeder, 2 meiden, ieder met een eigen film in ons hoofd scheuren we luid zingend over de weg.
V. hangt onderuit, zingt wat ingetogen maar zeer geconcentreerd de liedjes over de onbeantwoorde liefde van Mega Mindy voor hunk Toby. Je ziet aan haar gekwelde blik dat ze zich tot in haar tenen inleeft. Ik moet denken aan mijn tiende levensjaar, waarin ik vreselijk onbeantwoord maar zo overtuigd verliefd was. Heerlijk mezelf verliezen in de fantastische wereld die ik in mijn hoofd maakte.
E. kweelt vol overgave alles mee. Ze is bijzonder tevreden over haar zangkwaliteiten: "Moet je luisteren mama, mijn stem is net zo mooi als die van Mega Mindy, hoor je dat?" Ik hoor iets heel anders, maar dat is natuurlijk geheim. Ik moet denken aan mijn eigen jeugdige overtuiging, ik had ook zo'n prachtige zangstem, een ietwat vertekend zelfbeeld wat mij veel plezier heeft gebracht.
Eén moeder, 2 meiden, ieder met een eigen film in ons hoofd scheuren we luid zingend over de weg.
donderdag 23 september 2010
Abonneren op:
Posts (Atom)
